Afschrijven+van+fosfaatrechten+is+toegestaan
Kennispartners ABAB Accountants

Afschrijven van fosfaatrechten is toegestaan

Minister Schouten van Landbouw gaf kort voor de jaarwisseling de vermoedelijke einddatum voor fosfaatrechten aan. Daarmee kwam een eind aan de onzekerheid over de afschrijfbaarheid bij melkveehouders die fosfaatrechten willen kopen. ABAB Accountants en Adviseurs krijgt heel veel vragen van melkveehouders over de fiscale gevolgen bij de overdracht van fosfaatrechten. Dat is logisch, want de gevolgen kunnen groot zijn.

Melkveehouders hebben met ingang van 1 januari fosfaatrechten toegewezen gekregen op basis van het aantal gehouden stuks melkvee op 2 juli 2015. Deze fosfaatrechten worden op het moment van toewijzing voor nihil op de balans verantwoord.

In de markt wordt er echter voor deze fosfaatrechten bij aankoop betaald. De investering bij aankoop van fosfaatrechten moet op het moment van aankoop voor de aanschafwaarde op de balans worden opgenomen.

Eerst stelde de Belastingdienst dat op deze investering geen afschrijving mogelijk was omdat er geen einddatum voor de rechten bekend was. Alleen bij een einddatum is volgens de Belastingdienst afschrijven mogelijk. ABAB stelde daar tegenover dat er altijd sprake is van een te verwachte einddatum en dat verder op basis van het matching principe de afschrijfbaarheid van fosfaatrechten niet zou mogen worden geblokkeerd.

Melkveehouders kunnen al wel vrij precies uitrekenen waar ze onder de gegeven omstandigheid aan toe zijn

Einddatum

Minister Schouten heeft op 20 december in een brief aan de Tweede Kamer geschreven dat het haar 'stellige verwachting' is dat 1 januari 2028 de einddatum zal zijn van de rechten. Dat betekent dat fosfaatrechten fiscaal aftrekbaar zijn. Met ingang van januari 2018 zijn de fosfaatrechten over een termijn van 120 maanden af te schrijven en vervolgens zal de termijn geleidelijk terug lopen. Deze methodiek kan dan worden toegepast tot 2023, want volgens de wetgeving moet er minimaal over vijf jaar worden afgeschreven.

In een aantal gevallen maakten veehouders al in 2017 afspraken over de verkoop en koop van fosfaatrechten. Maar deze zijn pas officieel vanaf half januari verhandelbaar, nadat veehouders van RVO de beschikking hebben ontvangen en nadat de rechten kunnen worden overgeschreven op de website van RVO.

Voor de koper maakt het veel uit dat hij op gekochte fosfaatrechten met ingang van 1 januari 2018 kan afschrijven. Want uit het bedrag van de afschrijving kan hij de aflossing voldoen van de lening die hij afsluit om de rechten te kopen

Voorraad of bedrijfsmiddel

Het is nog niet duidelijk of de Belastingdienst fosfaatrechten bij de verkoper ziet als voorraad of als bedrijfsmiddel. Dat maakt vooral voor een verkopende partij veel uit. Bij de koper die de rechten in zijn bedrijf gaat gebruiken, vormen de fosfaatrechten per definitie een bedrijfsmiddel waar nu blijkt op kan worden afgeschreven.

Tot nu toe ziet de Belastingdienst fosfaatrechten die per 1 januari 2018 zijn toegewezen en meteen naar een andere veehouder gaan, als voorraad. Dat betekent dat de verkoper hiervoor geen herinvesteringsreserve kan vormen.
Bij een herinvesteringsreserve hoeft de verkoper de boekwinst over de rechten niet in de fiscale winst op te nemen, als hij die investeert in een ander bedrijfsmiddel. Hij bespaart dan direct belasting over die boekwinst.

Wil de verkoper gebruik maken van de herinvesteringsreserve dan kan hij zijn fosfaatrechten beter nog een bepaalde periode in zijn onderneming gebruiken of verleasen alvorens hij tot verkoop overgaat . Als hij ze dan na verloop van tijd verkoopt, ziet de Belastingdienst de fosfaatrechten wél als bedrijfsmiddel.

De vraag is alleen hoe lang die periode moet zijn. Het is belangrijk dat daarover snel helderheid komt. Zolang die er niet is, kan een veehouder proberen om individueel afspraken te maken met de Belastingdienst.

Herinvesteringsreserve benutten

ABAB is van mening dat de invoering van fosfaatrechten per 1 januari niet meer of minder is dan een formalisering van de fosfaatreferentie die een veehouder in de jaren daarvoor al op zijn bedrijf had. Het is dus in haar opvatting geen voorraad, maar een bedrijfsmiddel.

Als de Belastingdienst fosfaatrechten die in januari naar een andere eigenaar gaan, ziet als bedrijfsmiddel, kan de verkoper de herinvesteringsreserve wél van het begin af aan toepassen.

Dat kan overigens alleen als hij investeert in zijn bestaande bedrijf of als hij zijn bedrijf volledig staakt en een nieuw bedrijf start waarin hij investeert. Als er bijvoorbeeld al akkerbouw is op het bedrijf kan hij gebruik maken van de herinvesteringsreserve, voor zover hij deze akkerbouwtak uitbreidt.

Bij het herinvesteren zal het wel moeten gaan om bedrijfsmiddelen met een afschrijvingstermijn van tien jaar of korter. Bij herinvestering in bedrijfsmiddelen met een langere afschrijvingstermijn geldt namelijk dat deze eenzelfde economische functie moeten hebben binnen het bedrijf dan de vervreemde bedrijfsmiddelen.

Bij het starten van een nieuwe tak naast een bestaande tak is de herinvesteringsreserve niet toegestaan. Het is niet altijd eenvoudig vast te stellen of er sprake is van een nieuwe agrarische tak. Geldt een tiental hectaren mais bijvoorbeeld als akkerbouwbedrijf? ABAB adviseert om hier vooraf bij stil te staan en zo nodig vooraf met de Belastingdienst te overleggen.

Leasen als alternatief

Ook leasen van fosfaatrechten is een optie. Maar in de regeling staat dat leasen voor één jaar evenals verkoop tot een korting van 10 procent leidt. Dat geldt ook bij leasen voor een langere periode, maar zolang de leaseperiode doorloopt, is er geen sprake van een volgende overdracht die andermaal tot een korting leidt.

Er zijn grofweg twee vormen van leasen: financial lease en operational lease. Wil de gebruiker van de fosfaatrechten de leasetermijn jaarlijks ten laste van zijn resultaat brengen dan moet het gaan om operational lease, want financial lease staat fiscaal gelijk aan koop en daarop gelden de hiervoor beschreven regels over afschrijving. Bij operational lease kan jaarlijks de leasetermijn ten laste van het resultaat worden gebracht.

Uiteraard is het niet de bedoeling dat degene die de lease-overeenkomst aangaat het eind van de leaseperiode met lege handen staat of dat andermaal een korting van 10 procent plaatsvindt. Het is daarom van essentieel belang dat de gemaakte afspraken zijn afgestemd op de specifieke situatie.

Samenwerking

Melkveehouders waarvan het bedrijf na de peildatum in 2015 sterk gegroeid is, hebben een groot belang om rechten te kopen. Want die hebben de last van de financiering van een stal die deels leeg staat. Die lege plekken kosten elke dag geld. Naast de financiering van de stal moeten ze ook de aankoop van fosfaatrechten financieren.

ABAB constateert dat een deel van de sterk gegroeide bedrijven met serieuze financiële problemen kampt. Maar wachten tot de fosfaatrechten verdwijnen is ook geen optie. In deze gevallen kan een structurele samenwerking uitkomst bieden. Bedrijven worden dan samengevoegd en gedurende een bepaalde tijd voor gezamenlijke rekening en risico gerund. De eigenaar van de fosfaatrechten kan dan na verloop van tijd binnen deze samenwerking de fosfaatrechten 'geruisloos' doorschuiven, dus zonder te hoeven afrekenen met de Belastingdienst.

Onzekerheid

ABAB krijgt veel vragen van melkveehouders die willen weten wat de fiscale gevolgen zijn van overdracht van fosfaatrechten. Echte zekerheid is echter pas te geven zodra de vragen die nog openstaan zijn beantwoord. Maar voor die tijd kunnen melkveehouders al wel vrij precies uitrekenen waar ze onder de gegeven omstandigheid aan toe zijn. ABAB is hen daar graag bij van dienst.

• Klik hier voor meer informatie

Dit artikel is een update van het eerder gepubliceerde artikel 'Melkveehouder wil helderheid over afschrijven fosfaatrechten' van kennispartner ABAB in Nieuwe Oogst d.d. 13 december 2017 en op NieuweOogst.nu